Bijzondere status graven Molukse KNIL-militairen op begraafplaatsen Marum en Nuis

Afbeelding
Gemeente Westerkwartier

NUIS - De graven van Molukse KNIL-militairen op de begraafplaatsen Nuis en Marum krijgen een bijzondere status. Dit betekent dat de rechthebbenden van deze graven geen grafrechten meer hoeven te betalen en dat de graven niet worden geruimd. Dit als eerbetoon aan de KNIL-militairen die jarenlang voor Nederland hebben gevochten. En als gebaar van respect voor de Molukse gemeenschap in het Westerkwartier. Het gaat om 45 graven op het kerkelijk en gemeentelijk deel van de begraafplaats in Marum. En om 39 graven op de begraafplaats in Nuis van de Stichting Bijzondere Algemene Begraafplaatsen Westerkwartier.

Wethouder Harry Stomphorst: “Als gemeente Westerkwartier willen we hiermee iets terugdoen voor onze Molukse gemeenschap. We tonen hiermee ons respect voor de eerste generatie Molukse mensen. In 1951 zijn zij als KNIL-militairen met hun gezinnen onvrijwillig naar Nederland gekomen. De Nederlandse overheid heeft hen slecht behandeld. Met het toekennen van de bijzondere status van de graven in Marum en Nuis erkennen we de inzet van de KNIL-militairen tijdens de onafhankelijkheidsstrijd in Indonesië. En ook het leed van deze militairen en dat van hun gezinnen na hun aankomst in Nederland. Dit leed is nog steeds voelbaar bij de Molukse gemeenschap in onze gemeente.” In november van 2022 heeft het college besloten de graven van Molukse KNIL-militairen een bijzondere status te geven. Het afgelopen jaar heeft de gemeente gebruikt om de invoering hiervan voor te bereiden. En te zorgen voor een zorgvuldige financiële afwikkeling. Dit allemaal in goede samenwerking met de Molukse Wijkraad, Stichting Talitha Kumi en Stichting Bijzondere Algemene Begraafplaatsen Westerkwartier. Zo zijn alle KNIL-graven en monumenten geïnventariseerd en de administratie van beide begraafplaatsen gecontroleerd. Daarnaast hebben partijen afspraken gemaakt over het onderhoud van de graven. De Molukse Wijkraad, Stichting Talitha Kumi en/of nabestaanden en rechthebbenden zorgen voor het klein onderhoud van de grafmonumenten. Zoals het schoonhouden van de graven, kleine reparaties en aanpassen van belettering, plaatjes of foto’s. De gemeente zorgt voor het groot onderhoud van de grafmonumenten. Woensdag 17 april is er een informatiebijeenkomst voor de Molukse gemeenschap in Bunga Pala in Marum. De gemeente organiseert deze bijeenkomst in samenwerking met de Molukse Wijkraad en Stichting Talitha Kumi. In 1951 vertrok een groep Molukse KNIL-militairen met hun families vanuit Indonesië naar Nederland. Dit was niet vrijwillig. De Molukse soldaten hadden gevochten in het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger. Omdat ze voor Nederland vochten, konden ze na de Indonesische onafhankelijkheid niet langer blijven. In eerste instantie zouden ze zes maanden blijven in Nederland. Ze werden ondergebracht in kampen, onder meer in Nuis. De omstandigheden waren zwaar. De verwachting dat ze weer terug konden keren, kwam niet uit. De Molukkers werden, soms onder dwang, verspreid over Nederland. De Molukse bevolking voelde zich in de steek gelaten door de Nederlandse overheid. Tot op de dag van vandaag is dit voelbaar in de Molukse gemeenschap.

UIT DE KRANT

Lees ook