Lammert Tel

EEN - Wanneer je vanuit Steenbergen doorrijdt naar Een, kom je langs de prachtige open velden en vele boerderijen die het gebied daar rijk is. In één van die boerderijen woont Lammert Tel met zijn vriendin Linda Boelens, inmiddels alweer 10 jaar. Als klein jongetje wilde hij niets liever dan boer worden. Helaas lukte het niet om de ouderlijke boerderij, in Leek, voor te zetten. Toch prijst hij zich gelukkig met de plek die ze nu hebben. ‘Wanneer ik Roden binnenrijd en doorrijd naar Een denk ik telkens: Ik ben thuis. Hier, vind ik rust in mijn best wel hectische leven waarbij de raderen in mijn hoofd telkens aan staan.’
De begroeting bij de achterdeur is door vijf van de acht “stinkerds”, zoals Tel ze noemt, allervriendelijkst. Ze kwispelen met hun staarten en begroeten het bezoek door even te snuffelen en zich vervolgens weer bij hun baasje te vervoegen die in de deuropening staat. Linda Boelens schudt een stevige hand, zorgt dat de beestenboel weer tot rust komt en schenkt een kopje koffie in, terwijl we wachten op de man des huizes. Tel groeit op in Leek, als oudste van vijf kinderen. Wanneer zijn ouders de boerderij van zijn opa en oma overnemen heeft hij maar één droom en dat is later de boerderij overnemen. ‘Een droom die veel boerenkinderen vandaag de dag ook nog hebben, maar helaas voor velen gewoonweg niet meer mogelijk,’ en dat vindt hij wel zorgelijk. ‘Evenals dat het voor de jeugd sowieso gewoonweg haast onmogelijk is om vandaag de dag nog een eigen plekje te vinden.’
Een zorg die velen vast met hem zullen delen, al zit hij wellicht voor zijn beroep als vastgoedmakelaar wel niet iets dichter bij het vuur, wanneer het gaat om kennis van zaken van vastgoed. ‘Toen bleek dat ik de boerderij uiteindelijk niet voort kon zetten, ben ik bij toeval de agrarische makelaardij ingerold in 2001. In zes jaar tijd heb ik daar de kans gekregen om diverse opleidingen te behalen en praktijkervaring op te doen. In 2007 heb ik de keuze gemaakt om voor mijzelf te beginnen als grondzaken deskundige.’ De agrarische makelaardij is inmiddels iets naar de achtergrond verdwenen en hij houdt zich inmiddels veelal bezig met het beheren, renoveren en verkopen van vastgoed. ‘De meeste panden die we bezitten staan in het centrum van Groningen en onlangs hebben we een pand aangekocht in Vledder. Waar we hier in Een hobbymatig onze dieren houden, houden we de paarden in Vledder vooral zakelijk. Dat levert een mooi contrast op. Hier thuis doen wij het samen, in Vledder hebben we werknemers.’
Daarmee maakt hij ook duidelijk dat de simpele dingen hem, naast zijn drukke bestaan, al gelukkig maken. ‘Ik ga twee à drie keer per week naar Vledder en kan ook gewoon genieten van de ritjes daarnaar toe. De natuur, de koeienroosters en het besef dat het gewoon mooi is om tussen de boeren te wonen. Ook daarin vind ik thuis mijn rust. We hebben grasland rondom het huis, wat ook bewerkt moet worden. Ik stap dan op de tractor, ontspan en voel mij toch nog even boer.’ Tijd voor vakantie is er dan ook niet echt, maar ook dat maakt hem niets uit. ‘Ik zeg weleens gekscherend: Linda is het gelukkigst hier binnen de hekken, bij onze beestenboel,’ waarop een trotse glimlach volgt. Opgesloten zitten ze echter niet, want één keer per jaar wintersport en een bootje in Friesland bieden ook af en toe kansen om eens er op uit te gaan.
De beestenboel heeft buiten op diverse locaties op het erf een riant onderkomen en wordt met veel liefde en aandacht verzorgt. Naast de acht honden, lopen er ook nog vier ezels, twee varkens, vier shetlanders, ontelbare eenden en telt de nieuwe stal nog enkele paarden met inmiddels drie veulentjes. Tijdens de rondleiding op het erf gaat de loop eerst door de stal, die sinds een jaar nu ongeveer klaar is. ‘Ik had dit huis al enkele jaren op het oog, alvorens wij het kochten in 2015. De stal die er bij stond was voor dat moment prima, maar in het kader van verduurzamen hebben we besloten het meteen goed aan te pakken bij de verbouw ervan. Wat ons enkel en alleen nog rest zijn de zonnepanelen. Buiten aangekomen dartelt er een veulentje vrolijk met zijn moeder in de paardenbak, liggen de varkens te pitten in hun hok en komen de ezels en shetlanders nieuwsgierig aangelopen. ‘De zwarte shetlander achteraan, heeft Linda gekregen toen ze drie jaar was. Het beestje was toen ook drie, dus reken maar uit hoe oud hij nu is. De liefde voor onze beesten en de zorg ervoor, ik ken maar weinig mensen die daar zoveel mee bezig zijn als zij.’



