Jacob Frölich terug in de Winsinghhof om afscheid te nemen: ‘nergens zo gastvrij en persoonlijk als hier’

Een groot gemis voor Theater & Cinema de Winsinghhof: directeur Jacob Frölich is per 1 september begonnen aan een nieuwe uitdaging in Delfzijl. Op vrijdag 11 september staat hij echter als vanouds nog even weer in de foyer om afscheid te nemen. De Ongenode Gast is stipt en ziet dat om 16 uur het daar nog een lege bedoening is op het drietal Hilde Roovers, Regina de Jager en Jessica Oenema na. Het team kan nog lachen, al is het vertrek van Jacob niet met gejuich ontvangen.
Zo’n afscheid is altijd wat gek. Je wilt het niet te zwaar maken, want iemand is niet overleden, maar de ‘daar is het feestvarken’ die in de Ongenode Gast opkomt als ze Frölich spot, is ook niet helemaal op zijn plek. Ook de Krant had met Frölich een goede band. Ik zeg hier bewust ‘ook’ want zoals later tijdens een rondgang onder de bezoekers blijkt, is er niemand niet positief over de immer goedlachse Frölich. Heel fijn voor onze lezers: hij nam in zijn columns iedereen mee voor een kijkje achter de schermen van het theater. ‘Gelukkig is alles wat je hier hebt gedaan vastgelegd voor de eeuwigheid’, drukt de Ongenode Gast hem dan ook op het hart.
Terwijl Frölich gaat handen schudden en cadeaus in ontvangst neemt, schuift de Ongenode Gast eerst maar eens bij Leo van der Heiden van festival Wat’n Kunst aan. Hij kijkt terug op een geslaagde samenwerking met het theater en hoopt dit met de opvolger van Frölich voort te zetten. Ook heeft hij een nieuwtje: volgend jaar vindt Wat ‘n Kunst weer vertrouwd in september plaats. Nieuwtjes horen we ook van Jan Willem Jonker van het Scheepstra Kabinet. Ook hij was met een leuke samenwerking met Frölich bezig om een theatervoorstelling over Ot & Sien te realiseren. ‘Want Roden is niet het dorp van Theater de Winsinghhof, maar van Ot & Sien’, lacht hij. Hij noemt Frölich eenzelfde type als zichzelf en Mirjam Will van Havezate Mensinge die ook net binnenstapt en kijkt met plezier terug op de momenten dat cultureel erfgoed van Roden samen om de tafel zat. ‘Daar staat zoveel drive’, vindt ook Will. ‘We hebben altijd heel fijn kunnen sparren met elkaar, omdat we vaak tegen dezelfde uitdagingen aan lopen.’
Burgemeester Klaas Smid heeft niet de portefeuille cultuur, maar ook wel geregeld contact gehad met Frölich. ‘Zeker in de coronaperiode’, blikt hij terug. Maar, laat hij ook weten, ook als frequente bezoeker van het theater. ‘Jacob heeft een mooie erfenis nagelaten’, vindt Smid. ‘Het is echt bijzonder dat een plaats als Roden een eigen theater heeft.’ Muziek heeft de voorkeur voor Smid al bezoekt hij natuurlijk vanuit zijn functie ook heel veel andere voorstellingen. Maar, zo voegt hij lachend toe, ‘als burgemeester heb je wel altijd de beste plek.’ Ook wethouder Bertus Jan Epema loopt binnen én oud-wethouder Alex Wekema die dit soort momentjes nog niet ontwend heeft. Zijn vrouw Peterina is ook mee en is wel blij dat ze haar man weer wat meer thuis heeft. Ze vertellen vaste bezoekers te zijn van de Winsinghhof. ‘We zijn echt fan van dit theater; er zouden echt nog veel meer mensen gebruik van mogen maken.’
We spotten ook Bert-Jan Stadman en Bart de Vries die namens de Zakenkring Roden afscheid komen nemen, Janet Hamstra van Onder de Linden en Jacob Slenema. Koen van Hees neemt namens het bestuur kort het woord - met nadruk op kort, want de speeches van Frölich worden blijkbaar door het team bestempeld als ‘te lang, te wollig en te uitgebreid’ - en overhandigt Frölich een lege lijst. Hij mag bij Reinier van der Berg, die de Winsinghhof kleurrijk vereeuwigde en daarmee een nieuwe huisstijl in werking zette, een schilderij uitzoeken. Frölich zelf sloot af met een prachtige anekdote over de gastvrijheid van dit bijzondere theater. ‘Dit gebeurt in geen enkel theater: als de zaal uitverkocht is, iedereen klaar voor de start, maar er is nog een stoel leeg, dan gaan ze zoeken: wie hoort hier te zitten en die wordt gebeld.’ Hij laat een theater achter dat gastvrij en persoonlijk is, gerund wordt door een team van vakidioten, maakte heus wat hoofdpijndossiers mee, maar drukte vooral iedereen op het hart trots te zijn.















