Van een ontmoeting in de Postwagen naar een leven samen

Afbeelding
Foto: ERIK VEENSTRA
actueel

TOLBERT – Het begon allemaal op een zondagmiddag in de Postwagen. Niet bepaald als liefde op het eerste gezicht, vertellen meneer en mevrouw Buursma-Cazemier. Toch bleek die ontmoeting het begin van een leven dat ze uiteindelijk grotendeels samen zouden doorbrengen.

Mevrouw Buursma was vijftien jaar toen ze haar toekomstige man ontmoette. In december werd ze zestien. Hij was achttien en woonde in Friesland. Op zondagmiddag kwam hij op de fiets naar de Postwagen. ‘Daar ontmoette je elkaar. Of bij de Kruisweg, of bij de Postwagen.’ Dansen was niet echt haar ding, al was haar man daar wel voor te porren.

Na die eerste ontmoeting gingen ze ieder weer hun eigen weg. Zij terug naar de boerderij om te helpen, hij weer naar Friesland. Maar blijkbaar was er iets blijven hangen, want ze spraken af elkaar nog eens te ontmoeten.

Dat ging in het begin niet zonder slag of stoot. Hun ouders waren het niet met de verkering eens. Toch trokken de twee hun eigen plan. Op zondag zochten ze elkaar soms stiekem op. ‘We ontmoetten elkaar dan gewoon’, vertelt ze.

Toen ze achttien was, verloofden ze zich. Twee jaar later, toen ze twintig was, trouwden ze in Leek. Een belangrijke reden om niet langer te wachten was het werk van haar man. Hij ging bij de PTT in Amsterdam werken. ‘Toen moesten we trouwen, anders moest je vijf jaar wachten op een woning.’

Voor de jonge vrouw uit Tolbert betekende dat een enorme verandering. Van het leven buiten het dorp naar de grote stad Amsterdam. ‘Dat was wel heel anders. Zo’n grote stad, dat was wat anders dan buiten het dorp wonen.’

Lang bleven ze er niet. Na ongeveer twee of drie jaar verhuisden ze naar Leeuwarden. Uiteindelijk bracht het leven hen weer terug naar Tolbert. En bijzonder genoeg wonen ze daar nu weer in hetzelfde huis waar mevrouw Buursma werd geboren.

In de jaren die volgden bouwden ze samen een gezin op. Ze kregen twee jongens en inmiddels zijn er vijf kleinkinderen. Een leven met mooie momenten, maar ook met de gewone hobbels die bij een huwelijk horen.

‘In ieder huwelijk zijn wel strubbelingen’, vertellen ze. ‘Het is niet altijd koek en ei.’ Volgens hen is het vooral belangrijk om veel met elkaar te doen en open naar elkaar te zijn. ‘We hebben geen drukte gehad.’

Terugkijkend is het misschien juist die nuchterheid die hun verhaal zo bijzonder maakt. Geen liefde op het eerste gezicht, geen groot romantisch verhaal, maar een toevallige ontmoeting op een zondagmiddag. Een meisje uit Tolbert en een jongen uit Friesland, die elkaar vonden tussen de mensen in de Postwagen.

En na al die jaren wonen ze weer waar het voor haar ooit begon: in Tolbert, in haar ouderlijk huis.

UIT DE KRANT