Duurzaamheid en Biodiversiteit houdt boeren scherp

VEENHUIZEN - Jappie Riedstra bezit, samen met zijn broer, één van de negen boerenbedrijven die Veenhuizen rijk is. In 1996 zijn ze in maatschap gegaan en hebben anno 2024 een prachtig bedrijf opgebouwd met 400 melkkoeien en daarnaast ook jongvee. ‘Als boer heb je vaak het gevoel dat je je moet verantwoorden tegenover de maatschappij. Wij zijn ons ervan bewust dat we een groot bedrijf hebben en dat sommige mensen wellicht vinden dat dit niet past in deze omgeving, maar wij willen juist graag iets doen voor deze omgeving en daarom nemen we ook maatregelen die bijdragen aan de biodiversiteit en zijn we al meerdere jaren bezig om de uitstoot van CO2, methaan en stikstof te verminderen.’
De broers hebben duurzaamheid altijd hoog in het vaandel gehad en zijn ook altijd bezig geweest om te kijken waar ze hun opbrengsten uiteindelijk weer in kunnen investeren. ‘We hebben in 2014 een nieuwe stal gebouwd. Daar zijn we wel een aantal jaren mee bezig geweest, maar om te kunnen groeien moesten we wel. Tijdens de bouw van de stal hebben we er al rekening mee gehouden dat we in de toekomst aan de slag wilden met het reduceren van de stikstof en methaan uitstoot. In de meeste stallen komt de mest van de koe in de kelder terecht. Wanneer de mest zich vermengt met urine ontstaat er drijfmest. Als dat in verbinding komt met zuurstof dan ontstaat er ammoniak en dat is dus een stikstofverbinding. Om die stikstofverbinding niet te krijgen, moesten we dus zorgen dat deze componenten niet samen kwamen en werd er een dichte vloer geplaatst. We wilden er in de toekomst naar toe dat we dagverse mest in de monovergister konden stoppen om zo de verliezen te kunnen beperken.’
Mestvergisting is niet voor alle boeren mogelijk en daardoor is het nemen van de beslissing het mest te gaan vergisten afhankelijk van meerdere factoren. Friesland Campina - Zuivelcoöperatie - is één van de bedrijven die zich een aantal jaren geleden heeft verdiept in de mogelijkheden die er waren voor mestvergisting. Riedstra is aangesloten bij Friesland Campina en had er meteen oren naar om meer over de mogelijkheden te weten te komen. ‘Zoals gezegd liepen wij al met dit plan rond sinds 2008. We wisten dat er in principe drie mogelijkheden waren. Je had de co-vergister, maar dat zou veel transport van aangevoerde mest en voer opleveren en dat wilden we niet tegenover de inwoners van Veenhuizen. Je hebt de monovergister - en die hebben wij nu inmiddels drie jaar - en je kunt het stikstof uit de mest strippen. Voor laatst genoemde liggen er inmiddels een paar offertes klaar.’
Martijn den Besten, van Friesland Campina, legt uit hoe het mestvergisten werkt. ‘Al wordt het lastig om dat op een makkelijke manier uit te leggen hoor,’ zegt hij. ‘Bij mestvergisting wordt de organische stof in mest door bacteriën omgezet in biogas. Het voordeel van het gebruiken van de mestvergister is dat de mestvergisting gebeurt in een gecontroleerde omgeving. Dat zijn de twee grote ronde silo’s die buiten op het terrein staan. Het gas welke daarin geproduceerd wordt, wordt opgevangen in een gasopslag boven de vergister. Dit is dan Biogas bestaande uit 60% methaan en 40% koolstofdioxide. Die gas kan vervolgens weer gebruikt worden voor de opwekking van elektriciteit en kan de boer dus, in dit geval aan Veenhuizen, terugleveren aan het net. Wanneer dit proces van vergisting heeft plaatsgevonden, blijft er dus vergiste mest over en die wordt dan gebruikt als meststof. De organisch gebonden stikstof is nu omgezet in minerale stikstof, welke na uitrijden op het land sneller op te nemen is door de plant en minder geur afgeeft. Wij als Friesland Campina zijn gaan kijken wat we voor onze boeren konden betekenen.’
Friesland Campina startte het project Jumpstart op. Ze hebben 100 geïnteresseerde leden-melkveehouders geholpen met het regelen van financiering en het aanvragen van een vergunning en SDE++ subsidie. Tijdens dit project gaven ze workshops, lezingen en voorlichtingen. Hierdoor wisten de boeren aan welke eisen ze moesten voldoen om het mestvergisten rendabel te laten zijn voor hun bedrijf. ‘Het moet bijvoorbeeld financieel haalbaar zijn, want de kost gaat voor de baat uit. En wat ook heel belangrijk is, is dat de mestproductie op het bedrijf constant moet zijn anders is het gewoonweg niet rendabel. Wij denken hierin dan mee met de boer.’ aldus den Besten.
Riedstra was blij met het project en is dan ook na vier jaar het Jumpproject te volgen overstag gegaan. ‘Friesland Campina gaf ons het vertrouwen dat het bij ons op het bedrijf zou kunnen en ze ondersteunen je daarin. Boeren kunnen met Biogas gewoonweg enorm veel bijdragen aan de maatschappij.’ aldus Riedstra. Dinsdag 30 april was er een delegatie van SGP op het bedrijf van Riedstra. Bert-Jan Ruissen, Europarlementariër en tevens landbouw woordvoerder voor de Europese ECR fractie in Brussel, kreeg na een presentatie van Friesland Campina nog een rondleiding op bedrijf en kon met eigen ogen zien hoe het proces van mestvergisting verliep. ‘Wanneer consumenten nieuwsgiering zijn geworden zijn ze van harte welkom om tijdens de Campina Open Boerderijdag op vrijdag 10 mei onze boerderij te bezoeken. Ik kan dan antwoord geven op al hun vragen.’ zegt Riedstra met een glimlach.








