Dansen in de regen

Afbeelding
Foto: ERIK VEENSTRA
De kijk van Caruso actueel

Een nieuw gezicht op de vertrouwde plek? De aankomende weken zal ik de columnistenstoel van Maria warm houden, terwijl zij kan genieten van een welverdiende vakantie. Even voorstellen: ik ben Serena Caruso en ik schrijf voornamelijk verhalen voor De Streekkrant. Dat doe ik inmiddels een half jaar met veel plezier. Het klinkt cliché, maar toch is het zo: geen enkele dag is hetzelfde. Feestelijke openingen, diepgaande interviews of diamanten huwelijken: waar je ook komt, het zijn altijd bijzondere momenten. Soms zijn ook de locaties uniek. Zo renden de paarden langs mijn oren terwijl ik in het midden van de baan tijdens de draverijen in Aduard verslag deed, keek ik mijn ogen uit in Pieterzijl tijdens de autocross en mocht ik zelfs tijdens de theatertour van Waylon in Opende foto’s maken voor de krant. Laatst mocht ik ook naar SOA, oftewel Surhuizum Open Air. Een tweedaags festival voor de hardrock liefhebbers en metalheads. Ik ben geen van beiden. Juist daarom besloot ik mij te willen mengen in de menigte: in een Guns N’ Roses shirt zou niemand merken ik op Spotify alleen naar de Nederlands Top 50 luister. Ik had er erg zin in, want ik hou van festivals. Iedereen is altijd vrolijk, de sfeer zit er goed in en de zon lijkt altijd te schijnen. Hoewel er regen was voorspeld, twijfelde ik nog even: witte sneakers of toch laarsjes? De zonnebril lag ook al klaar, want dit buitje zou wel overwaaien, toch? Al bij het uitstappen van de auto was ik blij met mijn keuze voor de tweede optie. Een groepje jongens op het parkeerterrein was namelijk net bezig een auto uit de drek te trekken. Hoewel het eindelijk was gestopt met regenen, werd de grond elke meter dichterbij de ingang natter en natter. De paraplu die ik mee had, bleek niet genoeg te zijn om mij en mijn kleding te beschermen: het festivalterrein was namelijk omgetoverd tot volledige modderpoel. Een aantal diehards stond in regenponcho’s vooraan te genieten van de muziek, terwijl de andere bezoekers schuilden in verschillende tenten. Nadat ik een ‘backstage-bandje’ had gekregen, mocht ik achter iemand van de organisatie aanlopen naar de plek die het bandje beloofde. Enige probleem: hij had rubberlaarzen aan, ik niet. Al bij de eerste stap zakte mijn laars tot aan mijn enkel weg in de modder. Ondanks deze kletspoot, gaf de drek ook een bepaalde sfeer. Je vergeet toch nooit meer dat je daar stond de headbangen in de regen? ‘Wiete kadavers, ik wil dat jullie allemaal meezingen’, schreeuwde de zanger van een van de bands. En hoewel we ons allemaal een ‘wiet kadaver’ voelden, zongen we uit volle borst mee. ‘Wy sette troch’, zoals Eerde Jan Postma van de organisatie dat zo mooi tegen mij zei. Na het optreden kon een fotootje met de zanger uiteraard niet ontbreken. Vooral niet nu in de zomerweken ook de nieuwe rubriek ‘Ongenode Groupie’ te lezen is. Terug bij de auto, moest ik mijn best doen om niet te hele stoel onder te smeren met modder. Wanneer ik mijn natte notitieboekje uit mijn tas haal, valt mijn oog op de bijrijdersstoel. Mijn zonnebril. Blijkbaar was ik die vergeten.

UIT DE KRANT