Henk van Kalken heeft een passie voor fantasy

Afbeelding
Cultuur

‘Ik plan niet, maak geen schema’s. Ineens valt mij iets in’

RODERWOLDE – We mogen kennismaken met z’n nieuwste, net verschenen boek ‘Cerebellum’. Opnieuw een fantasyverhaal wat zich kenmerkt door onwerkelijke gebeurtenissen en verzonnen wezens. Een geliefd genre van schrijver Henk van Kalken.

‘Waar het schrijven is ontstaan? Ik denk talent’, vertelt Henk, ‘Ik werd ontdekt toen ik veel rapporten schreef voor allerlei commissies bij het arbeidsbureau.’ Daar kregen zijn epistels vaak de opmerking mee ‘wat schrijft die man leuk en mooi’. Henk had veel belangstelling voor menselijke zaken en ruilde werken bij de sociale dienst op een gegeven moment in voor werken als hypnotherapeut. ‘Daar tikte iemand mij op de schouders met de vraag: ‘Hoe zou jij het vinden om al je bevindingen over de jeugdzorg in de publiciteit te brengen?’ Henk, behoorlijk ervaringsdeskundig, hij bracht z’n jeugd door in een kindertehuis, wist het vrij snel. ‘Ik wilde op dat vlak iets betekenen. Als ik kindermishandeling voor het voetlicht wilde brengen, dan was dit de gelegenheid.’ Henk ging schrijven maar kreeg onenigheid over de richting waarin het verhaal zich bewoog. Ze wilden meer weten over het leven ná kindertehuizen maar hij wilde dat niet aan de grote klok hangen. ‘Zij gingen voor het succes, voor de verkoop, ik wilde iets betekenen.’ Het verhaal lag 8 jaar op de plank, totdat een bevriende uitgever hem zei: ‘Je bent gek als je dit niet uitgeeft.’ De ‘Steenrode Jas’ het is een autobiografie. En ja, inmiddels had Henk ontdekt dat hij schrijven wel heel leuk vond. Z’n tweede boek ‘Laudanum’ volgde snel. Een boek dat gaat over een oude klassieke gitaar die in het leven komt van de hoofdpersoon. Waar hij ineens zonder problemen de moeilijkste stukken op kan spelen. Tegelijkertijd verliest hij de grip op zijn eigen leven. Er zit iets in de gitaar, iets destructiefs en krankzinnigs. Een boek waarin autobiografie een flinke vleug fantasy meekrijgt.

Fantasy, waar komt dan vandaan? ‘M’n moeder zei het al toen ik een klein jongetje was. Ik had altijd al een levendige fantasie.’

Henk groeide op in Amsterdam en bracht z’n kinderjaren door in de jeugdzorg. Na z’n scheiding kwam hij terecht in Friesland bij vrienden. ‘Ik heb Friesland echt omarmd, ik kwam te wonen op de mooiste plek.’ Maar omdat z’n huidige vrouw heimwee had naar Drenthe, kozen ze samen voor wonen in Roderwolde, daar waar Henk het noaberschap erg heeft leren waarderen.

Schrijven, inmiddels bevalt het de krasse eind 70-er erg goed. Fantasy, maar ook columns. Zo schreef hij ook voor de Rowôlmer. Vanzelfsprekend vanuit z’n maatschappelijke achtergrond en de interesse in de medemens. Maar raakte hij in de loop der jaren ook geïnteresseerd in de meer existentiële levensvragen. De leer van het boeddhisme sprak hem aan. Hij stuurde zijn commentaren naar het Boeddhistisch Dagblad, waarna hij werd gevraagd ook daarvoor columns te schrijven. Het resulteerde in een nieuw boek ‘Boeddha’s, burgers en buitenlui’. 

In redelijke korte tijd kwamen er zes boeken van de hand van Henk van Kalken en ligt het 7e boek in de schappen. De rode draad? Toch wel fantasy. Cerebellum is het vierde in dit genre. Volgens Henk hebben zijn fantasyboeken allemaal herkenbare thema’s. Het gaat om gewone mensen met gewone levens en dito beroepen, met alle thema’s van dien. ‘Ik mag mijzelf in alle bescheidenheid wel een specialist en een ervaringsdeskundige noemen’, aldus Henk. ‘Ineens gebeurt er iets wat niet kan, zeg maar, iets krankzinnigs. Tja, en daar zit veel van mijzelf in. Iedereen schrijft vanuit zichzelf en je neemt jezelf daarin altijd mee.’ Fantasy, we mogen het volgens Henk ook wel magisch realisme noemen, waarin de werkelijkheid wordt verbonden met een andere of hogere werkelijkheid waardoor surrealiteit ontstaat.

Zijn nieuwste boek Cerebellum gaat over een aan lagerwal geraakte advocaat die op straat leeft en een gruwelijk bovennatuurlijk wezen dat in tegenstelling tot de advocaat zoveel mogelijk wil voelen, denken en ervaren. Hij kan dit bereiken door de kleine hersenen, het cerebellum, van mensen te eten. Het is een kwestie van proberen om de demon te verslaan en te doden en daarbij is de afloop volstrekt anders dan gedacht.

Henk oogt fit. ‘Dat klopt’, zijn z’n woorden, ‘ik zit 4 keer in de week in de sportschool.’ Is daar actief maar hij geniet ook van het sociale speelveld. ‘Ik kom daar in gesprek met mensen maar wordt absoluut ook weer door hen geïnspireerd.’ Daarnaast is hij van het gezond eten en van ’s middags ook even rust nemen. Zijn ingrediënten voor een goede gezondheid. Na z’n rustmoment ’s middags ziet hij wel wat er op zijn pad komt in en om huis. En soms is dat schrijven. Dan zit hij achter z’n computer en begint ineens aan een dialoog die in een bepaald hoofdstuk terechtkomt. Daar omheen breit hij hoofdstukken waarmee zijn verhaal ontstaat. ‘Ik heb het dan over fantasy, ik plan niet, maak geen schema’s. Ineens valt mij iets in!’

Schrijven, het is z’n grote liefhebberij geworden. Hij is totaal niet geïnteresseerd in beroemd worden en grote verkoopcijfers. ‘Nee, voor mij is het gewoon pure passie.’ Passie die vast voor nog meer leesplezier van zijn hand gaat zorgen.

UIT DE KRANT