Puur Natuur: Drie dieren, één familie

Afbeelding
Puur natuur

‘Tijdens onze trektocht door Patagonië zag ik voor het eerst guanaco’s (foto) in het wild. Het is een soort lama. Ze stonden op de uitgestrekte vlaktes, met het Andes gebergte op de achtergrond. Het landschap was groot, ruig en stil. De dieren waren alert en keken steeds om zich heen. Als je in de buurt kwam renden ze weg. Vaak stond er een op een verhoging en hield de wacht over de kudde. Het zijn wilde dieren, vrij en sterk. Terug in Nederland, bezocht ik een alpacafarm. Dat was heel anders. De alpaca’s waren ook alert maar kwamen rustig naar me toe. Ik mocht ze voeren en aaien. Twee plekken, twee ervaringen, maar beide met dieren die familie van elkaar zijn.

Hoog in de bergen van Zuid-Amerika, waar de lucht fris is en de natuur hard kan zijn, leven deze bijzondere dieren al duizenden jaren. Alpaca’s, lama’s en guanaco’s lijken best wel op elkaar en horen bij de Andes-kameelachtigen. Maar wat zijn de overeenkomsten en verschillen? Ze zijn allemaal goed aangepast aan het leven op grote hoogte. Ze kunnen tegen kou, wind en weinig voedsel. Voor de mensen in de Andes zijn ze heel belangrijk. Ze zorgen voor wol, vervoer en soms ook voedsel. Maar ze zijn meer dan dat. Ze horen bij de cultuur en de geschiedenis van Zuid-Amerika.

De alpaca is kleiner dan een lama of guanaco en heeft een dikke, zachte vacht. Die wol is heel warm en wordt veel gebruikt voor kleding. In landen zoals Peru is dit een belangrijke industrie. Alpaca’s zijn rustiger en leven vaak bij mensen op en om boerderijen.

De lama is een stuk groter en sterker. Hij wordt al eeuwenlang door mensen gebruikt als lastdier in de bergen. Hij kan zware spullen dragen over smalle paden. Lama’s hebben minder zachte wol. Soms kunnen ze spugen als ze boos zijn, maar ja, dat kan een alpaca ook. Ook lama’s leven vaak bij mensen op en om de boerderij.

Tijdens onze Patagonië reis zagen we veel guanaco’s. We moesten soms slalommend over de weg deze dieren ontwijken. De guanaco is een wild dier. Hij lijkt op de lama, maar is slanker en sneller; ze halen wel 55 km per uur als ze rennen. Guanaco’s leven in groepen en zijn altijd alert op gevaar. Hun grootste vijanden zijn roofdieren zoals poema’s. Ze kunnen goed overleven in droge en koude gebieden. Ze halen vocht uit planten en hebben daardoor weinig water nodig.

Wat al deze dieren bijzonder maakt, is hun band met mensen en natuur. Al heel lang leven ze samen met de bewoners in het Andesgebergte. Ze spelen een belangrijke rol in tradities en feesten. Sommige mensen zien ze als heilige dieren, verbonden met Moeder Aarde, ook wel Pachamama genoemd. Ze horen bij de manier van denken waarin natuur, geloof en het leven van mensen één geheel zijn. Lama’s en alpaca’s verschijnen daarom vaak op aardewerk, textiel, rotstekeningen en rituele objecten.

Ook vandaag de dag zijn ze nog steeds belangrijk. Alpacawol wordt over de hele wereld verkocht. Toeristen komen naar Zuid-Amerika om deze dieren te zien. Tegelijk helpen ze de natuur. Ze eten gras zonder de grond te beschadigen en houden zo het landschap gezond.

Mijn ervaringen, van de wilde guanaco in Patagonië tot de rustige alpaca op de boerderij, hebben mij laten zien hoe bijzonder deze dieren zijn. Ze verbinden mens en natuur, verleden en heden. Wie ze ontmoet, ziet niet alleen een dier, maar een stukje geschiedenis dat nog steeds leeft.’

©Andre Brasse – Puur Natuur - mei 2026

Afbeelding

UIT DE KRANT