Linda Riemsma

Afbeelding
Foto: Tieme Dekker
Noordenvelders

RODEN - Wat haar aantrok in Loek - Fries paard- ? ‘Zijn lieve karakter en zijn mooie lange zwarte haren.’ Hij is haar black beauty en voor wie haar kent: als kapster uit Roden heeft ze oog voor “haar”. Ze begon ooit als klein meisje met rijden op Cherry, een mooi paard van haar oom. Jarenlang heeft ze geen paard gereden, maar toen haar vriend Sjak tegen haar zei: ‘Je bent alleen maar aan het werk, wat zou je nu écht graag willen doen voor de ontspanning?’ Toen zei ze: ‘paardrijden.’ En zo geschiedde. Inmiddels heeft ze een vijfsterren huisje gevonden voor Loek, vlak bij huis, en hoopt ze nog een keer een wedstrijd met hem te kunnen rijden.

Als klein meisje groeide ze, samen met haar twee zussen, Dorien en Sandra, op in Een. ‘Mijn ouders hadden daar een loonbedrijf. Prachtig vond ik het! Ik had allemaal “ooms” die elke ochtend en middag bij ons aan de keukentafel zaten, want in het begin was er nog geen kantine. Ik weet nog heel goed dat ik meeging wanneer de mannen weggingen voor loonwerkzaamheden en ik mee mocht. We hadden toen een combine en die was nog open, had geen kap en dan zat ik op het trappetje. Wanneer ik dan thuiskwam vroeg mijn moeder: Hoe was het? Van mij alleen maar een grote glimlach en lekker zwart om mijn mond van al het zand wat ik had opgevangen.’ Riemsma lacht wanneer ze verteld over haar jeugd. ‘De paarden van mijn oom stonden bij ons achter het huis, dus ik zag ze elke dag. Daar is denk ook mijn liefde voor het paard weggekomen. Eerst reed ik alleen thuis, maar later ging ik op paardrijles bij Rijvereniging Bergveen in Veenhuizen bij Wendy Molenaar.  Dat heb ik gedaan tot aan mijn zestiende. Ik zat op de middelbare, druk met school, dus ik had er gewoonweg geen tijd meer voor.’

Wanneer Riemsma verteld over haar jeugd begint ze te stralen. ‘Mijn zussen en ik hebben eigenlijk nooit ruzie en ook nooit gehad. We ergeren ons heus weleens aan elkaar, maar kunnen elkaar ook met rust laten. Dat is denk ik onze kracht. Onze ouders zijn net zo. Ik heb dan ook altijd veel waardering gehad voor hoe mijn ouders met hun “personeel” omgingen. Zij zagen hen meer als collega’s en ze waren gelijkwaardig. Dat is denk ik ook de kracht van hun ondernemen geweest en daarom bleven de werknemers ook zo lang. Ik wil dat ook uitstralen in mijn kapsalon. Ik ben geen baas en probeer altijd tijd te maken voor mijn klanten. Soms is dat best lastig, maar ik haal er ook voldoening uit wanneer het goed loopt.’ Het loonbedrijf van haar ouders is inmiddels verkocht en daar heeft Riemsma het nog best moeilijk mee. Toen ze jong was droomde ze altijd van een baan in het loonwerk, dat leek haar leuk. Gewoon in de planning en administratie, maar uiteindelijk heeft ze toch gekozen voor het kappersvak.

Haar nicht was daarin altijd een grote inspiratie en ook had ze altijd zo’n kappop. Ze ging naar school en koos voor werken en leren, waardoor ze meerdere kapsalons als stageadres heeft gehad en dus ook al relatief veel dingen heeft meegemaakt in de kappersbranche. ‘Uiteindelijk zie je natuurlijk veel goeie dingen en leer je veel, maar ik zag ook dingen waarvan ik dacht: dat wil ik anders.’ Ze besluit in eerste instantie een kapsalon aan huis op te starten, waarin ze vooral wil uitdragen dat ze aandacht heeft voor de klant. De animo voor haar salon blijkt zo groot dat er een tweede kapster bij komt en ze op zoek gaat naar een geschikt pand in het centrum van Roden en inmiddels is ze alweer enkele jaren een bekend gezicht met haar salon “Haar & Schaar” in de Wilhelminastraat. 

‘Ik vind het kappersvak prachtig, maar ook alle randzaken eromheen doe ik graag, zoals: boekhouding, inkoop en de trainingen volgen die ervoor zorgen dat we bijblijven met bijvoorbeeld nieuw technieken en kleuren. Dat zorgt ook voor afwisseling,’ zegt Riemsma. Samen met zeven collega’s bestiert ze inmiddels de zaak en vindt ze het wel groot genoeg, ook al zou ze best groter kunnen wanneer ze dat wil, maar dan verliest ze haar doel. Ze is nog jong en wil vooral ook kunnen genieten naast haar werk. ‘Ik heb ook altijd aan voetbal gedaan van jongs af aan. Eerst bij Een - met de jongens - en daarna Een/Veenhuizen, GOMOS en Roden. Met voetballen ben ik gestopt, maar ik geniet heel erg van onze hond Rover, ons mooie huisje en nu natuurlijk van Loek.’ 

Afbeelding

UIT DE KRANT