‘Van je vrije tijd vrijheid maken’

RODEN - Tijdens de opening van de jaarbeurs werden de genomineerden bekend gemaakt voor de Ondernemersprijs 2024. Voor de rubriek de Noordenvelder gingen we langs bij deze ondernemers en vroegen hen naar hun ondernemingen en nemen een kijkje in hun privéleven. De derde ondernemer die genomineerd is, en dus tevens de afsluiter van dit rijtje in deze rubriek, is Richard Kremer van de Kampeerhal in Roden.
Koffiedrinken in het kampeercafé is voor vele bezoekers een welkome afleiding van een ochtend of middag shoppen in de Kampeerhal in Roden. ‘Toch best een rare naam he?’ zegt Richard Kremer. We hebben namelijk niet alleen kampeerspullen, er is zoveel meer te krijgen hier. Daar gaan we dan in het nieuwe seizoen ook aandacht aan besteden.’
Richard Kremer en Harm Jan Poel zijn inmiddels sinds november 2018 de trotse eigenaren van Kampeerhal Roden. Poel blijft vooral op de achtergrond, maar Kremer is niet cameraschuw en wil iedereen wel te woord staan. Zo ook voor deze rubriek. ‘Ik ben geboren in Groningen en op mijn achtste zijn we verhuisd naar Roden. Daarna bracht ik mijn puberteit grotendeels door in Nieuw-Roden. Fantastische tijd!’
Kremer komt er in die periode al snel achter dat hij meer een jongen is van daden dan van leren en vindt school dan ook maar lastig. ‘Ik werkte vanaf mijn vijftiende bij de Edah in Roden. Wat ik het mooiste vond waren de maandagen. Dan mochten alle nieuwe aanbiedingen in de stellingen en dat vond ik leuk om te doen. Die dag was ik dan ook zelden te zien op school,’ lacht hij. Toch behaalt hij zijn diploma op de middelbare school en kiest voor de Hotelschool in Leeuwarden. ‘Nou, dat was één groot feest daar doordeweeks en in de weekenden ging ik terug naar huis. Ik heb het ook niet gehaald, hoor, en moest na twee jaar stoppen. Ik was ook nog maar jong hé? Wat dat betreft vind ik het helemaal niet zo raar dat de jeugd tegenwoordig een tussenjaar neemt om te overdenken wat ze eigenlijk precies willen.’
Het werken ging in die tijd gewoon door, meer een man van aanpakken, zeg maar. ‘Ik had op den duur meerdere bijbaantjes, van werken in de pizzeria tot aan nachtelijke ritten op de taxi.’ Kremer gaat uiteindelijk Commerciële Economie studeren in Groningen en slaagt. Toch is het bijzonder dat hij tot die tijd nog geen baan heeft gehad bij de Vrijbuiter, de voorloper van de Kampeerhal. ‘Mijn vader had de zaak inmiddels overgenomen van Jaap van Zuijlekom. In eerste instantie wilde ik niet werken onder zijn vleugels, maar ik weet nog wel dat ik dacht: Wauw! Mijn vader is gewoon directeur van de Vrijbuiter.’ Na zijn afstuderen kon hij nog niet helemaal zijn draai vinden en besloot alsnog aan de slag te gaan bij de Vrijbuiter. Eerst op de tentenafdeling en toen er een vacature vrijkwam bij de inkoop besloot hij hierop te reageren.
Kremer is op dat moment vijfentwintig jaar en even laten werkt Poel dan ook bij de Vrijbuiter. ‘Een paar jaar later verkocht mijn vader het bedrijf,’ zegt hij en onder het bewind van de nieuwe directie zagen we gewoon dat het bedrijf zijn “hart” aan het verliezen was. We kozen ervoor om ontslag te nemen en gingen elders aan het werk.’ Toch blijft de Vrijbuiter in Kremer zijn hart zitten en sprak hij uit naar Poel: ‘Het kan toch niet zo zijn dat de Vrijbuiter uit Roden verdwijnt?’ In augustus 2018 gaat de Vrijbuiter officieel failliet en van overname is geen sprake, maar daar denken beide heren anders over.
‘De Vrijbuiter hoorde gewoon in Roden en dus zijn we in gesprek gegaan met meerdere partijen, waaronder ook onze vaders die ons de eerste jaren fantastisch hebben ondersteund. De handtekening werd gezet en toen we in november 2018 binnenliepen was het gebouw gewoon compleet leeg. We moesten dus helemaal opnieuw beginnen en zijn met vrienden en familie aan de slag gegaan. Zie je die reling daar bij de bovenverdieping? Die was wit, een schilder te duur, dus we hebben alles rondom zelf moeten verven. Tien weken lang hebben we gebuffeld en soms was het wel drie uur ‘s nachts, maar om acht uur ‘s ochtends stond ik alweer te popelen om heen te gaan.’ De glimlach op Kremer zijn gezicht blijft, hij is overduidelijk trots.
De nominatie voor de Ondernemersprijs daar heeft hij eigenlijk weinig over gesproken. Trots? Ja, maar dat bleek al uit het hele verhaal vanuit zijn positie binnen het bedrijf. Een aanvulling hierop? ‘We zijn groot, willen ook nog uitbreiden, maar toch staat het persoonlijke en het lokale voor ons voorop. We willen vooral onszelf kunnen blijven en nemen onze medewerkers en klanten daar graag in mee, zowel hier op de werkvloer als bijvoorbeeld in de webshop.’



