Noordenvelder; Mariska Buring

Afbeelding
Foto: ERIK VEENSTRA
Noordenvelders Noordenvelders

RODEN - Ze is goedlachs, een gezellige prater en heeft een zeer groot zorghart: Mariska Buring uit Roden. In de spotlights verschijnen hoeft voor haar niet per se; dat laat ze liever over aan haar vriend Robert Meijer. Bij aankomst komen de twee net uit de schuur, maar is er zeker tijd voor een bakje koffie aan de keukentafel. De begroeting binnen is door twee nieuwsgierige katten. ‘Eigenlijk wilde Robert geen katten meer’, zegt ze. ‘Maar ik ben ‘s avonds best vaak alleen thuis en dan is het hier zo stil. Nu heb ik ook wat gezelligheid om mij heen.’ 

Ze groeit op in Roderwolde en voelt zich dan ook tot haar 18de een echte Rolwolmer. ‘Mijn ouders wonen nog steeds in Roderwolde, echte Rowolmers, en het opgroeien daar heeft mij veel gebracht, vind ik zelf. Vooral het hechte van het dorp heb ik altijd als zeer waardevol gezien.’ Toch besluit ze uiteindelijk het ouderlijk nest te verlaten en kiest ze voor een studentenleven in Groningen. Wanneer ze dat zegt, moet ze zelf al lachen. ‘Ja, mijn vriendinnen vertrokken naar Groningen en ik vond dus ook dat ik dat moest doen. Ik heb veel geleerd van die tijd, maar achteraf denk ik weleens: waarom moest ik daar nu zo nodig heen?’ Ze komt terecht in de Ebbingestraat en later in Vinkhuizen waar ze in, voor begrippen, twee nette woningen woont. Ze start met een opleiding Verzorgende IG, maar maakt uiteindelijk een overstap naar een opleiding SAW, sociaal pedagogisch werk. Haar hart ligt bij de gehandicaptenzorg, waar ze tot op de dag van vandaag nog steeds werkzaam in is. ‘Ik werk bij Ilmarinen, een van de locaties van de Zijlen. Daar ben ik deels werkzaam op de dagbesteding, maar ik ben ook werkzaam op het logeerhuis. Ik vind het vooral heel erg leuk dat ik in deze een combinatie van taken heb. Alleen zorg leveren vind ik fysiek best heel zwaar en nu kan ik het afwisselen, wat mentaal een leuke uitdaging is.’ Wanneer ze spreekt over deze tak van zorg leveren, is het duidelijk dat hier haar hart ligt en ze ook erg veel voldoening haalt uit haar werk. 

Zij en Robert zijn inmiddels sinds 10-10-2020 bij elkaar en ontmoeten elkaar in die tijd via Tinder. ‘Ja, tien-tien-twintig-twintig. Klinkt mooi, he? Ik wilde graag een definitieve datum geven aan het begin van onze relatie en aangezien Robert van de cijfertjes is, kwam hij met dit voorstel’, geeft ze lachend aan. Door in te gaan op het verzoek van hem, toentertijd, en het daten met elkaar aan te gaan, wist ze ook dat ze daar ook twee bonuskinderen bij zou krijgen. ‘We hebben het langzaamaan opgebouwd met elkaar en toen dit goed voelde, heb ik de kinderen ontmoet. Dat ijs was snel gebroken hoor met hen en wanneer ze bij ons zijn hoort dat er inmiddels ook gewoon helemaal bij in mijn leven.’ Het oppakken van een gezinsleven is één, maar daarnaast vervult ze ook een rol als vriendin van een wethouder. ‘Toen ik een relatie kreeg met Robert, was hij nog raadslid en de stap naar wethouder bracht natuurlijk wel meer verantwoordelijkheden met zich mee, met name voor hem. Toch was ik ontzettend trots op hem en sta ik daarin nog steeds achter hem. Ik vind dan ook dat er momenten zijn dat ik als vriendin gewoon aan zijn zijde hoor te staan. Zo heb je bijvoorbeeld het Tuigpaardenconcours in Norg, maar ook dodenherdenking en het nieuwjaarsconcert van de Koninklijke Militaire Kapel ‘Johan Willem Friso’. Iets waar we normaliter niet snel naartoe zouden gaan, maar waar we inmiddels heel erg naar uit kunnen kijken.’ Iets waar ze ook ieder jaar heel erg naar uitkijkt, is het openluchtspel Roderwolde. ‘Ik ga daar al jaren heen met een vriendin, dat hoort er gewoon bij wanneer je uit Roderwolde komt, vind ik. Toen Robert wethouder werd, kwam daar ook een avond met b&w bij. Ik ga dus gewoon twee keer heen! Verschil is alleen dat ik met mijn vriendin al om 19.30 uur een stoeltje bemachtig, ergens halverwege. Met b&w komen we ongeveer vijf minuten voor aanvang van het openluchtspel aan en zitten we helemaal vooraan. Dat vind ik toch nog wel steeds een ongemakkelijk moment hoor’, en dat zeggende moet ze vreselijk hard lachen en kijkt ze naar Robert. 

Het lijkt nu haast alsof ze alleen maar werkt, “vriendin van” is en het gezin draaiende houdt, maar niets is minder waar hoor. ‘Ik krijg echt wel de tijd om mijn eigen ding te doen. Alles gaat hier in goed overleg. Ik spreek geregeld een keer af met vriendinnen en twee avonden per week ga ik  naar Aquadrums in Norg. Dat is voor mij echt ontspanning en ook mijn moment.’ 

UIT DE KRANT